Evaluatie: een genuanceerd verhaal

Evaluatie: een genuanceerd verhaal

Hoe deze syllabus (niet) gebruiken?

Dit zal sterk afhangen van de wijze waarop het evaluatiethema op school wordt benaderd.
Een keuze uit vele mogelijkheden:

  • De pedagogische stuur- of werkgroep wil de schooleigen visie op evaluatie actualiseren.
  • Op een pedagogische studiedag wordt een diepgaand proces van reflectie over de eigen evaluatiepraktijk ingezet.
  • Bij de invoering van nieuwe leerplannen worden in de betrokken vakwerkgroepen de implicaties voor de evaluatie besproken.
  • Gebruiksvriendelijke evaluatie-instrumenten worden uitgewisseld tussen leraren van hetzelfde vak(domein) en van (de) verschillende scholen van de scholengemeenschap
  • Na een doorlichting wil de school haar evaluatiepraktijk bijstellen.
  • Rond LEREN LEREN worden actiepunten uitgewerkt.
  • Bij de uitwerking van een schoolomvattend en langdurig project wordt nagedacht over de evaluatie ervan.
  • ...

De school beslist hoe de syllabus wordt gebruikt en door wie.
Wel is duidelijk dat in sommige gevallen de gehele syllabus aan alle betrokkenen wordt gegeven (de pedagogische stuurgroep actualiseert de visie op evaluatie) en in andere een (klein) gedeelte (de vakwerkgroep of het korps bespreekt een of twee van de ‘Veel gestelde vragen’). Maar het zou weinig doeltreffend noch opportuun zijn dit document zo maar te kopiëren en uit te delen aan alle leraren, zonder enige toelichting of duiding.

volledige tekst

 

Deel 1, een begrippenkader

  1. Omschrijving van evaluatie
  2. Wat wordt er geëvalueerd?
  3. Evaluatieactiviteiten
  4. Kenmerken van goede toetsen

Deel 2, veel gestelde vragen over evaluatie

  1. Hoeveel evaluatiebeurten moeten er zijn? Wat met de proefwerken?
  2. Wat moet de verhouding zijn tussen dagelijks werk summatieve toetsen?
  3. Attitudes in rekening brengen: ja/nee en indien ja, hoe?
  4. Mogen we nog globale cijfers geven of moeten we altijd analytische (met afzonderlijke score voor elk van de aangewende criteria) cijfers geven?
  5. Welke vormen van vragen zijn er?
  6. Staat evalueren gelijk met quoteren?
  7. Wat is de verhouding tussen kennis-vaardigheden-attitudes?
  8. Kan je een gebrek aan medewerking tijdens de les met punten sanctioneren?
  9. Hoe kunnen we mondelinge vaardigheid evalueren?
  10. Wat met taalfouten in antwoorden van toetsen van luister- en leesvaardigheid in moderne vreemde talen?
  11. Wat met taalcorrectheid in andere vakken dan moderne taalvakken?
  12. Hoe de schrijfvaardigheid evalueren?
  13. Gemeenschappelijke proefwerken
  14. Hoe kunnen we groepswerk evalueren?
  15. Mogen we notities laten meetellen in permanente evaluatie? Ja, maar
  16. Aandachtspunten bij de mondelinge proeven (mondelinge examens en voorstellingen van resultaten van onderzoeksopdrachten)
  17. Bij deliberaties
  18. Moeten Vakoverschrijdende eindtermen (VOET) expliciet terug te vinden zijn bij evaluatie?
  19. Is het voldoende wanneer de school leerlingen en ouders informeert over de manier van evalueren?
  20. Wat is het nut van een examenbank / toetsenbank?
  21. Mogen leerlingen met dyslexie, met andere leerstoornissen of anderstalige nieuwkomers anders geëvalueerd worden?
  22. Bruikbaarheid en beperkingen van permanente evaluatie.
  23. Evalueren in de vrije ruimte
  24. Meerkeuzevragen

Bijlagen, algemeen

Bibliografie